Het einde van het Boek

De Dictionnaire bibliophilosophique van Octave Uzanne en enkele andere recente bibliofiele aanwinsten in de Rijksmuseum Research Library.

Opgedragen aan Boris Rousseeuw (1959-2024), uitgever van De Carbolineum Pers

Aanwinstenblog 2024/02

door Alex Alsemgeest, conservator bibliotheekcollecties

‘Circa twee jaar geleden werd er in Londen, in een select gezelschap van bibliofielen en geleerden, gediscussieerd over het einde van het boek en zijn volledige metamorfoze’. Deze zin is geen verwijzing naar een recent congres, waar door managers en techneuten de voortschrijdende digitalisering in de bibliotheek werd besproken; het is de openingsregel van La fin des livres van Octave Uzanne & Albert Robida uit 1895. Op licht ironische wijze beschrijven zij hoe uitvindingen als de fonografie en fotografie het boek uiteindelijk overbodig zullen maken. Het werkje is eind 2023 door Stichting Desiderata in het Nederlands uitgegeven onder de titel Het einde van het boek. Hoewel de titel anders doet vermoeden, is het ook voor boekenliefhebbers een uitgave om gelukkig van te worden. In de collecties van de Rijksmuseum Research Library sluit het bovendien prachtig aan op een aantal recente bibliofiele aanwinsten van de bibliotheek.

Uzanne en Robida

Octave Uzanne (1851-1931) was een Franse schrijver, journalist, literair criticus en vooral liefhebber van boeken. Hij verdiepte zich in het werk van achttiende-eeuwse Franse schrijvers, en trad als vaste bezoeker van de Bibliothèque de l’Arsenal in Parijs al snel toe tot de Franse bibliofiele wereld. Anders dan de klassieke bibliofielen was hij niet zo zeer geïnteresseerd in de heruitgave van oude werken, klassiek gebonden in rood marokijn met goud op snee, maar richtte hij zich op nieuwe titels, uitgegeven met behulp van moderne technieken en rijk gedecoreerd door eigentijdse kunstenaars. Een van zijn eerste uitgaven was in 1879 Le bric-à-brac de l’amour. Hij maakte gebruik van de modernste fotomechanische reproductietechnieken, maar liet aan de andere kant wel twee varianten van de luxe-uitgave van het werk drukken op vier verschillende soorten papier.

Voor de uitgave van Le fin des livres werkte hij samen met Albert Robida (1848-1926), een Franse illustrator, schrijver en uitvinder. Hij stond bekend om zijn visionaire en satirische afbeeldingen van het dagelijks leven, vooral in zijn werk dat zich bezighield met futuristische en technologische thema’s. Hij illustreerde talloze boeken en tijdschriften en schreef ook verschillende romans, waarvan de meeste de invloed van technologie op de samenleving verkenden. In het La fin des livres is zijn invloed dan ook heel duidelijk voelbaar. Zo wordt beschreven hoe de rol van schrijvers steeds verder gemarginaliseerd zou worden, en dat de vertellers de sterren van de toekomst zouden worden.

De levendige illustraties voelen voor ons als een voorafschaduwing van een toekomst met radio en televisie, zij het nog niet zo draadloos als dat wij het uiteindelijk gewend zijn. Zo is er een ‘verteller’ die vanaf de straat met behulp van elektrische bedrading een heel appartementencomplex tegelijk voorleest, een, wandelaar die met dopjes in zijn oren (‘een fono-operagraaf op zakformaat’) van een alpenlandschap geniet, en een man die vanaf de bank naar een projectie kijkt van een verhaal dat door acteurs wordt nagespeeld.

Dictionnaire bibliophilosophique

De recente uitgave van La fin des livres door Stichting Desiderata werd snel opgepikt door een aantal columnisten van Nederlandse kranten, die het verwerkten in stukjes over het gevaar van digitalisering voor bibliotheken. Curieus genoeg haalt de buiten de bibliofiele wereld toch enigszins vergeten Octave Uzanne, op deze manier in het derde decennium van de eenentwintigste eeuw plots de Nederlandse media. Voor ons was dat wel zo aardig, omdat de Rijksmuseum Research Library juist nu een exemplaar heeft weten te verwerven van een ander belangrijk werk van Uzanne: de eerste druk van de Dictionnaire bibliophilosophique, typographique, iconophilesque, bibliopégique et bibliotechnique à l’usage des bibliognostes, des bibliomanes et des bibliophilistins uit 1896.

De Dictionnaire bibliophilosophique is een bibliofiel woordenboek, zowel naar inhoud als vorm. Uzanne schreef lemma’s over papier, illustraties en boekbanden, over genres, druktechnieken en auteurs, over mis-en-page, titels en annotaties. Het werk is gedrukt in rood en zwart op glossy papier met een watermerk en elke pagina is voorzien van steeds wisselende ornamentale omlijstingen. Het werk is rijk geïllustreerd, met ruimte voor een grapje. Zo komen we een foto tegen van “Un Auteur qui désire garder l’anonyme” (een auteur die anoniem wenst te blijven). De gemaskerde man op de foto is Octave Uzanne zelf. De oplage betrof 176 exemplaren; voldoende voor elk van de 160 leden van de door Uzanne opgerichte Société des Bibliophiles Contemporaines. Ons exemplaar is nummer 153 en staat op naam van mede-bibliofiel en bibliograaf Georges Vicaire (1853-1931).

Een van de onderscheidende elementen van Uzanne’s Dictionnaire bibliophilosophique is dat het boek maar liefst drie omslagen heeft. De eerste omslag is een florale compositie in groentinten, gelithografeerd door Georges de Feure. De tweede is een voorstelling van lezende mensen (voorzijde) en een vrouw staande op boeken die de vruchten van de boom der kennis plukt (achterzijde), prachtig uitgevoerd in zwart op paars papier door Paul Berthon. De buitenste omslag is een voorstelling van een pauw, uitgevoerd in zwart en goud op ivoorwit perkament door Belville. Van twee van deze kunstenaars is ook werk aanwezig in de prentencollectie van het Rijksmuseum.

Philobiblon

Hoe onderscheidend het werk van Uzanne is, blijkt wel als je er klassieke bibliofiele uitgaven tegenover zet. In 2023 heeft de Rijksmuseum Research Library twee uitgaven verworven van de Philobiblon. De Philobiblon wordt beschouwd als het eerste boek over de bibliofilie. Het is een verzameling essays over de verwerving, de conservering en de organisatie van boeken, geschreven door de middeleeuwse Engelse boekenliefhebber Richard de Bury (1287-1345). Het doel van de Philobiblon was om het opdoen van kennis uit boeken aan te moedigen, om te rechtvaardigen dat je zo veel tijd en geld aan boeken besteedde, en praktisch advies te geven voor het managen van een bibliotheek. De eerste gedrukte uitgave van de tekst stamt al uit 1473. Vanaf de negentiende eeuw kreeg het status in bibliofiele kringen, en is het verschillende keren in fraai vormgegeven uitgaven uitgebracht.

De uitgave die het Rijksmuseum heeft verworven, is een driedelige set die in 1889 bij de Grolier Club in New York is verschenen. Het was de eerste belangrijke uitgave van deze prestigieuze bibliofiele club die vijf jaar eerder was opgericht. Het eerste deel bevat de tekst van De Bury in het Latijn, het tweede deel een vertaling in het Engels van Andrew Fleming West, het derde deel bevat een verklarende tekst en noten. Het werk verscheen in een oplage van 297 exemplaren op papier en 3 op perkament. Ons exemplaar heeft een ex libris van Robert Elwell.

Vorig jaar kon nog een andere uitgave van de Philobiblon aan de collectie toegevoegd worden: de eerste Nederlandse vertaling, die in 2006 bij de Carbolineum Pers in Kalmthout is verschenen. Het werk is volledig uit de hand gezet en met houtsneden versierd, in een oplage van 75 genummerde, in perkament gebonden en voor de intekenaars op naam gedrukte exemplaren. Ons exemplaar is nummer 14, op naam van Jos Swiers. Voor buitenstaanders mag het een absurde onderneming lijken om zo veel energie te stoppen in een uitgave die voor zo’n beperkt publiek is bedoeld, als kunstvorm heeft het natuurlijk helemaal geen verdere verantwoording nodig. De prachtige uitgaven uit verschillende periodes spreken voor zichzelf.

Bibliofiele uitgaven in het Rijksmuseum

Hoewel bibliofilie op zichzelf geen verzamelgebied is voor de Rijksmuseum Research Library, is het in een kunsthistorische bibliotheek onvermijdelijk dat er ongemerkt heel veel bijzondere werken in de collectie zijn opgenomen. We verwerven selectief kunstenaarsboeken, bibliofiele uitgaven en margedrukken, maar de kunst leent zich als onderwerp zich bij uitstek voor het maken van bijzondere, tactiele en experimentele publicaties in kleine oplages. Een aantal werken van Octave Uzanne werd reeds in de negentiende eeuw aangeschaft, zoals La reliure moderne artistique et fantaisiste uit 1887. Niet per se als bibliofiele curiositeit, als wel om de combinatie van vorm en inhoud. Andere titels van Uzanne die we in de collectie tegenkomen, zijn afkomstig uit van de voormalige bibliotheken van de Rijksschool voor Kunstnijverheid en van de Rijksnormaalschool voor Teekenonderwijzers, waar ze ook primair een praktische functie in het kunstonderwijs hadden.

Einde van het Boek

Je kunt La fin des livres lezen als een dystopische profetie, of juist als een vertelling doordrenkt van technologisch optimisme. In een wereld waarin we niet alleen met de genoegens van voortschrijdende digitalisering te maken hebben, maar ook met de belofte van AI in de bibliotheek, is het bibliofiele boek zeker niet het antwoord op de vraag of het fysieke boek zal overleven. Dat is ook niet nodig. Peter IJsenbrant en Martin Hulsenboom citeren in het nawoord van Het einde van het boek Robert Darnton, die zei dat het boek inmiddels zo vaak is doodverklaard, dat het ons niet meer zou mogen verbazen dat het in zo’n uitstekende gezondheid lijkt te verkeren.

Het is een groot genoegen dat er onder de vlag van de Stichting Desiderata van die leuke boekjes verschijnen. Al is het maar omdat het ons een aanleiding geeft om aandacht te besteden aan Octave Uzanne en de Dictionnaire bibliophilosophique met al zijn materiële pracht!

Genoemde aanwinsten

Uzanne, Octave, Dictionnaire bibliophilosophique, typologique, iconophilesque, bibliopégique et bibliotechnique à l’usage des bibliognostes, des bibliomanes et des bibliophilistins. Paris: Imprimé pour les sociétaires de l’Académie des beaux livres, Bibliophiles contemporains, en l’an de grace bibliomaniaque, 1896. VIII, 364 pagina’s, 31 bladen platen, waarvan 4 in kleur, allen op Japans papier ; 8vo. Oplage: 176 exemplaren, dit is nr. 153, het ex. van Georges Vicaire. Rijksmuseum Research Library, standplaats en inventarisnummer in bewerking.

Uzanne, Octave & Albert Robida, Het einde van het boek. Tilburg : Stichting Desiderata, 2023. Vertaald uit het Frans door Martin Hulsenboom. Met een nawoord van Peter IJsenbrant en Martin Hulsenboom. Rijksmuseum Research Library, standplaats 974 D 50. Inv. no. BI-2024-0486.

Bury, Richard de, Philobiblon / edited and translated by Andrew Fleming West. New York, Grolier Club, 1889. 3 delen. Latijnse (deel 1) en Engelse (deel 2 en 3) tekst. Gedrukt in rood en zwart, initialen in deel 1 deels in goud. Oplage van 297 exemplaren op papier en 3 op perkament. Gebonden in uniform verguld perkament. Ex libris: Robert Elwell. Rijksmuseum Research Library, standplaats 323 G 10-12. Inv. no. BI-2023-2431 ; BI-2023-2432 ; BI-2023-2433.

Bury, Richard de, Philobiblon. Over de liefde voor boeken / voor het eerst in het Nederlands vertaald door Wim Devriendt ; met houtsneden van Bram Malisse. Kalmthout, De Carbolineum pers, 2006. 207 pagina’s ; 24 cm. Oplage: 75 exemplaren, dit is nr. 14, gedrukt voor Jos Swiers. Rijksmuseum Research Library, standplaats 307 E 28. Inv. no. BI- 2023-2157.

Op de hoogte blijven over nieuwe aanwinsten? Abonneer je op de blog!

Geef een reactie

Ontdek meer van The Art of Information

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder