Door Stijn Delheij, oud-medewerker Studie- en Leeszaal
Hilbrand Borkent is een van de meest geliefde en oudgediende bezoekers van de Cuypersbibliotheek. Deze gepensioneerde pianist, componist, schrijver en muziekdocent is een fervent kunstverzamelaar die uitgebreid gebruikmaakt van onze bibliotheekcollectie. We vonden dat het hoog tijd werd om hem te vragen naar zijn historie binnen onze geliefde bibliotheek.

Kunt u zich herinneren wanneer u voor het eerst de Cuypersbibliotheek hebt bezocht?
Dat moet in 1964 geweest zijn. Ik was toen 15 jaar oud en ik had in Heerenveen, waar ik ben opgegroeid, een schilderij in de etalage van de kunsthandel Thom Mercuur (oprichter van het museum Belvédère, Heerenveen) gezien. Ik was op die leeftijd al ontzettend onder indruk van de Franse impressionisten en erg gecharmeerd van dat betreffende schilderij. Ik heb toen mijn vader gevraagd of ik het mocht kopen waarop hij abrupt nee antwoordde. Na wat schermutselingen en hem eraan te herinneren dat ik een eigen rekening op zijn zaak had, mocht ik het schilderij proberen te kopen voor de helft van de vraagprijs van 400 gulden. Tot mijn verbazing ging Thom Mercuur hiermee akkoord. Waarschijnlijk met het idee dat ik nog wel vaker wat bij hem zou kopen wat ook is gebeurd. Ik heb toen de bibliotheek bezocht om in de Bénézit hier naar meer informatie te zoeken.
Hoe zag dat eerste bezoek eruit?
Ik herinner me dat ik geen afspraak hoefde te maken en dat de entree via de tuin was. Je kwam dan eerst via het trappenhuis in de grote leeszaal. Hier stond nog een glazen huisje en allerlei oud meubilair. Wat ook aardig was dat er standaarden stonden met grote folianten. Ik herinner me ook dat het niet zo goed verlicht was. Daarna ging je de kleinere studiezaal in waar alle tafels stonden om aan te gaan zitten. Daar was ook een balie waar nu altijd Joëlle zit. Ik heb toen de persoon die achter de balie zat naar de Bénézit gevraagd die meteen voor me werd gepakt. Ik vond het geweldig om de maker van mijn kunstwerk op te zoeken in dat boek.
Wat ook nog noemenswaardig is, is dat het in die tijd een stuk rustiger was dan nu. De bibliotheek was vroeger niet zo open. Het was echt iets dat je moest weten.
Was u vanaf dat moment vaste bezoeker?
Ja van het museum en de bibliotheek. Ik ben in 1968 aan het conservatorium in Utrecht gaan studeren. In die jaren reisde ik vaak op en neer tussen Amsterdam en Utrecht. Ik vond het met name heerlijk om in de ochtend naar de Drucker-Fraser uitbouw in het museum te gaan. Hier hingen alle schilderijen van de Amsterdamse en Haagse school. Het mooie was dat je daar echt niemand tegenkwam. Op zijn best een verloren suppoost.
Wat ik me ook nog herinner is dat de grote Jugendstil tentoonstelling (jaar 1970) voor mij persoonlijk een echte openbaring was. Ik was gefascineerd door al die objecten en van een conservator van het Rijksmuseum heb ik toen geleerd dat er handelaren waren die zich hierin specialiseerden. Ik kocht dan ook wel eens wat en de achtergrondinformatie vond ik in de bibliotheek.
Was uw bezoek in al die jaren zo regelmatig als nu?
Nee zeker niet. Ik ben in 1978 pas in Amsterdam gaan wonen. Daar woon ik overigens nu nog steeds. Toen ik verhuisd was naar Amsterdam kwam ik wel wat vaker in het museum maar ik was natuurlijk ook erg druk met mijn werk als pianist en docent.
Ik herinner me ook nog dat de oude opstelling van de bibliotheek ging sluiten vanwege de verbouwing van het Rijksmuseum. Hierdoor verhuisde de bibliotheek een aantal jaren naar de Frans van Mierisstraat. Daar kwam ik ook wel eens en overigens vond ik die opstelling ook erg aardig.
Ik werd pas een echte regelmatige bezoeker na de heropening van het Rijksmuseum in 2016, waarin ook de huidige opzet van de bibliotheek tot stand kwam. Ik ging natuurlijk op een gegeven moment met pensioen waardoor ik ook veel meer tijd kreeg om mezelf echt in kunsthistorische materie te verdiepen. Dat heeft geresulteerd in een aantal artikelen, bijvoorbeeld over Franse boekbanden uit de achttiende eeuw en een tapisseriekussenblad uit de zeventiende eeuw, waarvan het Rijksmuseum ook een exemplaar bezit.

Wat waardeert u nu het meeste aan onze dienstverlening?
Ik vind het allereerst fantastisch dat er fysieke veilingcatalogi in de bibliotheek liggen. Ik ben ook erg blij met alle kunstbladen die op de planken liggen.
Maar wat ik misschien nog het meeste waardeer is dat ik ook weleens lastige vragen mag stellen omdat ik er natuurlijk zo vaak kom. Ik ken iedereen en ik heb het idee dat er daarom wel eens wat direct uit het depot gehaald wordt. Dat is heerlijk!
Daarnaast vind ik de combinatie met het prentenkabinet uniek. Kijk dit is mijn laatste aankoop geweest, een aquarel van Johannes Evert Akkeringa (1861-1942). Als jonge man heb ik dit werk ooit bij een particulier thuis gezien. Ik was er toen gelijk door “begeistert”. Tot mijn verbazing kwam het laatst op de veiling na al die jaren. Het is toch geweldig dat ik eerst onderzoek kan doen naar de literatuur in de bibliotheek, om vervolgens aquarellen en tekeningen van Akkeringa in de studiezaal te bekijken.
Heeft u nog wensen voor de bibliotheek? Of misschien een visie voor de toekomst?
Ik hoop dat het allemaal zo blijft! Verder hoop ik dat al het materiaal beschikbaar blijft voor de tijd die mij nog rest. Daar ga ik nu maar wel van uit.

Verder lezen:
Hilbrand Borkent, ‘Twee Franse boekbanden uit de achttiende eeuw’, Antiek 24 (1989) 5, 304-307.
Hilbrand Borkent, ‘Een kussen uit de Generaliteits Rekenkamer te ‘s-Gravenhage’, Antiek 19 (1984) 5, 264-265.
Werk van Hilbrand Borkent bevindt zich in de collecties van onder andere:
- Rijksmuseum Research Library, Amsterdam
- Universiteitsbibliotheek Amsterdam, Theaterinstituut*2
- Bibliothèque nationale de France, Parijs, Frankrijk
- Library of Congress, Washington DC, VS
- Elmer Holmes Bobst Library, New York University, VS
- Music Library of University of Toronto, Canada
- Kunsthistorisches Museum, Wenen, Oostenrijk
- In 1993 werd Hilbrand Borkent gevraagd om mee te werken aan een soortgelijk project in het Kunsthistorisches Museum Wenen, Polygram Special Projects 516 537 – 2 cd’s, wat de opmaat vormde voor 4 volgende cd’s met improvisaties en composities. ↩︎
- Hilbrand Borkent, die familie is van de romancier Louis Couperus, is de auteur van de eenakter ‘De man der herinnering’ die in 1968 in première ging met de nog jonge acteur Rutger Hauer in de hoofdrol. ↩︎
Geef een reactie