Door Henriët Graafland, Informatiespecialist Bibliotheek
De collectie van Rudolf Smeets
In 2025 ontving de Rijksmuseum Research Library een grote collectie monsterboeken van de heer Rudolf Smeets. Hij verzamelt allerlei boeken over kleur, kleurgebruik, kleurentheorie, kleurstoffen, verfstoffen en kunstenaarshandleidingen. Zo’n 270 monsterboeken uit zijn collectie zijn inmiddels door de bibliotheekadministratie gecatalogiseerd en in het voorjaar van 2026 kocht de Rijksmuseum Research Library Smeets’ referentiecollectie over kleur en kleurgebruik. Deze aankoop viel samen met de schenking van zijn collectie vroegmoderne tekenboeken, waarover later dit jaar meer nieuws zal volgen. Ongeveer 90 monsterboeken met kleurstaaltjes van de eerste zending maken nu deel uit van de Bijzondere Collecties van de Rijksmuseum Research Library.



Een monsterklus
Het woord monsterboek spreekt natuurlijk tot de verbeelding, maar het zijn geen boeken met enge wezens erin. Ze werden vaak gebruikt als verkoopcatalogi van grote bedrijven voor de detailhandel. Een verfwinkel kon via zo’n catalogus bijvoorbeeld bepalen welke verfsoorten werden aangeboden in de winkel. Deze boeken kregen een publicatienummer toegewezen en de monsters/samples zelf werden ook vaak genummerd. Dat bevorderde het bestelproces voor de inkoper.
Andere gegevens die normaal gesproken in boeken te vinden zijn, zoals een jaar van uitgave of paginering, waren juist niet zo belangrijk. Titels waren daarom generiek en titelpagina’s summier. Het catalogiseren van deze monsterboeken is dus geen gemakkelijke klus. Normaal gesproken zouden onze catalografen publicatienummers van monsters niet opnemen in het bibliografische record, maar in dit geval speelden deze soms juist een sleutelrol in de (globale) datering van de boeken.
Het catalogiseren van de bedrijfsnaam, de uitgever of het logo is bij dit soort boeken ook belangrijk, omdat het meer informatie kan geven over de tijd van uitgave. Vaak is het alleen catalogiseren van deze namen niet voldoende, maar is een klein onderzoek noodzakelijk. We willen namelijk wel naar de juiste bedrijven en tijdsperiodes verwijzen, maar door de tijd heen veranderden de namen van de grote chemische bedrijven die verf en geverfde weefsels produceerden.
Het catalogiseren en construeren van deze bedrijven, naamswijzigingen en jaren van oprichting, fusie of verzelfstandiging is belangrijk voor de corporatie-thesaurus van de Rijksmuseum Research Library. De recentste corporatienamen moeten in deze thesaurus verwijzen naar de juiste corporatie waaruit ze voortkomen. Uiteindelijk construeer je als catalograaf via de thesaurus zo hopelijk ook een historisch spoor van deze grote bedrijven in onze collectie.



Een Duits historisch spoor
Hoe ziet zo’n klein onderzoek er dan uit? De bedrijfsgeschiedenis van veel van deze verfproducenten verliep vaak volgens een vergelijkbaar patroon. Dat was ook in Duitsland het geval. Veel bedrijven waren opgericht aan het einde van de negentiende eeuw, tijdens de Industriële Revolutie. Na een aantal naamswijzigingen waren dit aan het begin van de twintigste eeuw vaak al grote en invloedrijke bedrijven, die je misschien ook nu nog herkent. Zo bestaan veel van de namen uit afkortingen van oprichters of voorlopende bedrijven. Denk bijvoorbeeld aan BASF, wat de afkorting was voor Badische Anilin- und SodaFabrik.
In 1925 besloot de Duitse regering dat de grote vier bedrijven op dat moment (Agfa-Gevaert, Badische Anilin- und Soda-Fabrik, Bayer en Hoechst) en wat andere spelers op de markt moesten fuseren tot één groot bedrijf dat op meerdere locaties in Duitsland industriële complexen bezat. Dit fusiebedrijf werd IG Farben. Tegenwoordig is IG Farben vooral bekend door de collaboratie van dit bedrijf met de nazi’s. Het leverde onder andere Zyklon B, het dodelijke gif dat gebruikt werd in gaskamers in Auschwitz, waardoor meer dan een miljoen mensen werden vermoord. Na de Tweede Wereldoorlog besloten de Geallieerden dan ook om IG Farben weer op te heffen en alle bedrijven van voor de fusie zelfstandig op de markt te laten opereren.
Dat de fusie in 1925 snel geregeld was en van bovenaf opgelegd, is ook terug te zien in de monsterboeken die we uit deze periode in de collectie hebben. Veel van deze monsterboeken met publicatienummers van IG Farben bevatten titels van eerdere catalogi die waren uitgegeven door IG Farbens voorgangers. Hieronder vind je een paar voorbeelden van monsterboeken van IG Farben en de voorgangers.
- Immedialfarbstoffe auf Baumwollgarn – Rijksmuseum Research Library 317 C 32
- Wollmelangen – Rijksmuseum Research Library 321 AA 22
AGFA werd de afkorting voor de Aktien-Gesellschaft für Anilinfabrikation, dat in 1867 was ontstaan. Na de overname en splitsing van IG Farben ging het bedrijf in 1964 samen met Gevaert, dat weer een opvolger was van het bedrijf opgericht door Lieven Gevaert (L. Gevaert en Co., 1894).1 Samen worden ze Agfa-Gevaert genoemd. Veel van hun boeken en catalogi zijn ook al binnengekomen via de collectie van Steven Joseph, die in 2001 door het Rijksmuseum werd aangekocht en in 2022 verder werd aangevuld en gecatalogiseerd.
- Prix-courant pour la Belgique des papiers photographiques – 200 B 88
- Articles photographiques ‘Agfa’ : prix-courant 1912 – 200 B 69
BASF is de afkorting van de Badische Anilin- & Sodafabrik, die al in 1865 was opgericht en tot aan IG Farben zo voluit bleef heten. Vanaf de splitsing wordt het met zijn afkorting aangeduid.
- Woll- und Halbwoll-Farbstoffe – 321 AA 26
- Les couleurs d’aniline de la Badische Anilin- & Soda-Fabrik – 345 B 18
In 1863 richtte Friedrich Bayer zijn bedrijf Friedr. Bayer & Co. op, dat na zijn dood al snel Farbenfabriken vorm[als] Friedr[ich] Bayer & Co[mpagnie] ging heten. Na de overname en splitsing van IG Farben ging het verder als Bayer. Het is nog steeds een van de grootste farmaceutische bedrijven vandaag de dag.
- Die Beizenfarbstoffe im Baumwolldruck – 334 G 13
- Reserven unter Anilinschwarz mit Katanol = Risists under aniline black with katanol = Réserves sous noir d’aniline avec katanol – 340 A 17
Hoechst was een verwijzing naar Frankfurt-Höchst, waar in 1863 de oprichters Carl Meister, Eugen Lucius en Ludwig Müller een bedrijf oprichtten dat aanvankelijk onder hun eigen namen en later als Farbwerke vorm[als] Meister, Lucius & Brüning door het leven ging. Internationaal was het echter onder de naam Farbwerke Hoechst bekend, voordat het overgenomen werd door IG Farben. Na de splitsing hield het bedrijf de naam Hoechst aan. In 1970 nam het een ander groot bedrijf over, dat van Leopold Cassella & Compagnie. Dit was in tegenstelling tot wat de naam misschien doet vermoeden, ook een Duits bedrijf, opgericht in 1870. Leopold Cassella leefde al eerder in de negentiende eeuw, toen hij het bedrijf Cassella Farbwerke Mainkur oprichtte, maar in 1870 kreeg het een grotere invloed. In 1904 was het al samengegaan met Hoechst, maar bij de overname door IG Farben wist het eerst zelfstandig te blijven, toen het in 1937 alsnog ingelijfd werd bij IG Farben. Na de splitsing van IG Farben in 1951 wist het weer een tijd zelfstandig te blijven, voordat het definitief werd overgenomen door Hoechst in 1970.
- Die Theerfarbstoffe der Farbwerke vorm. Meister, Lucius & Bruening – 329 B 2
- Die Teerfarbstoffe der Farbwerke vorm. Meister, Lucius & Brüning auf dem Gebiet der Färberei von Baumwolle und anderen vegetabilischen Fasern – 329 B 4-6
- Immedialfarben auf loser Baumwolle = Immedial colours on loose cotton – 325 C 30
- Das Färben der Baumwolle und verwandter Fasern mit den Farbstoffen von Leopold Cassella & Co. – 329 B 16
Door de opname van deze monsterboeken in onze collectie en de manier waarop wij ze catalogiseren, wordt de geschiedenis van verf uit het industriële tijdperk tastbaar en beter toegankelijk voor onderzoekers van nu en in de toekomst. Je bent van harte welkom om deze boeken te raadplegen in de Rijksmuseum Research Library.
- Op de website van het FOMU (Fotomuseum Antwerpen) wordt een goed overzicht van de geschiedenis van Gevaert gegeven, zie: https://gevaert.fomu.be/about/ ↩︎
Op de hoogte blijven van nieuwe blogposts? Abonneer je hier:
Geef een reactie