Gebruiker Gespot: David Roelofs, onderzoeksstagiair afdeling geschiedenis

De Cuypersbibliotheek wordt druk bezocht door nationale en internationale onderzoekers die zich buigen over de collectie. Wie zijn deze onderzoekers en waar gaat hun onderzoek over? Vandaag hebben wij een aantal vragen voor David Roelofs, onderzoeksstagiair bij de afdeling geschiedenis en RMA-student Nederlandse Literatuur en Cultuur aan de Universiteit Utrecht.

David Roelofs en Harm Stevens buigen zich samen met AUC-studenten over Grootvelds plakboek

Waar ben je mee bezig in de studiezaal?

De afgelopen weken heb ik mij voornamelijk gebogen over het plakboek van Robert Jasper Grootveld, beter bekend als de anti-rookmagiër en ideologische grondlegger van Provo. Hij was een cultfiguur van de jaren zestig en een veelgezien figuur binnen de kringen van het Leidseplein (de zogeheten ‘pleiners’). Nog voordat de bekende happenings bij ‘het lieverdje’ op het Amsterdamse Spui hem nationale bekendheid gaven, kwam Grootveld eind jaren ’50 en begin jaren ’60 regelmatig in het nieuws met zijn vaak ludieke acties, zoals het rondvaren in een zelfgemaakt vlotje door de Amsterdamse grachten, het lappen van ramen in gekke outfits, het organiseren van een eigen modeshow en het openen van een zogeheten ‘K-kerk’ waarin hij via seances de toeschouwers van hun rookverslaving probeerde af te helpen. Door middel van zijn ‘uche, uche, uche’-mantra’s en het bekladden van reclameposters voor sigaretten, was Grootveld een van de eersten die, op eigenzinnige wijze, lobbyde voor een verbod op tabaksreclame.

Alhoewel hij later vooral bekendheid heeft gekregen in relatie tot Provo, die op een gegeven moment zijn happenings op het Spui luister bijzetten, zijn de eerdere acties van zijn hand even interessant. Of misschien wel interessanter. Als rode draad door de acties en het leven van Grootveld komt steeds de fascinatie met beeldvorming terug. Grootveld zag zichzelf als een profeet van een nieuwe wereld en stelde zichzelf tot doel om de wereld te ontdoen van zogenaamde ‘valse beelden’, beelden waar de mens door werd misleid. De rookverslaving, het verregaande consumentisme, de burgerlijke levenswijze van het klootjesvolk, het moest allemaal op de schop. In plaats daarvan moest de massa een zuiver beeld worden aangereikt: het Magisch Centrum Amsterdam. Een plek waar alles kan en alles mag en dat allemaal in Amsterdam. Hoezeer hij ook behept was met de opkomst van dit nieuwe Amsterdam, hij hield ook zijn eigen prestaties nauwlettend in het oog. Zijn plakboek staat vol met krantenartikelen en foto’s die samen een beeld scheppen van de Grootveld zoals hij zichzelf graag zag. Dit egodocument biedt de mogelijkheid om Grootvelds ideeën- en belevingswereld gedeeltelijk te reconstrueren. Zijn (in)directe invloed op de maatschappelijke, culturele en ook literaire wereld, blijkt daarbij niet gering.

Pagina uit het plakboek

Vanwaar dit onderzoek?

Het doen van een onderzoeksstage is een verplicht onderdeel binnen de onderzoeksmaster Nederlandse Literatuur en Cultuur aan de Universiteit Utrecht. Dat ik deze stage in kan vullen bij het Rijksmuseum komt erg goed uit. Mijn persoonlijke interesse in het culturele leven van de jaren ’60 kan ik binnen deze stage verdiepen. Naar aanleiding van Grootvelds plakboek bijvoorbeeld ontdek ik relaties tussen hem en Gerard Reve, Simon Vinkenoog maar ook Wim Sonneveld. Ook vind ik artikelen van Carmiggelt en Campert over zijn acties en komt de naam ‘Grootveld’ terug in een roman van Mulisch. Ook uit de happenings die Grootveld later met Vinkenoog en anderen organiseert en waarbij ook figuren als Constant en Ramses Shaffy betrokken waren, blijkt het onderzoeken van zijn positie de moeite waard. Er kunnen allerlei lijntjes worden getrokken tussen hem en het culturele en literaire leven van destijds. Als letterenstudent én stagiair binnen het Rijksmuseum, kan ik niet anders dan dit uitdiepen.

Pagina uit het programma van de happening ‘open het graf’Wat voegt de collectie van het Rijksmuseum toe aan jouw onderzoek?

 

Wat voegt de collectie van het Rijksmuseum toe aan jouw onderzoek?

Het Rijksmuseum is in het bezit van Grootveld’s plakboek, verschillende programma’s van happenings, en allerlei tegencultuur-tijdschriften uit de jaren ’60. Deze rijke collectie is slechts in beperkte mate onderzocht en vraagt om nadere bestudering. Het is enorm waardevol voor mijn onderzoek om de originele exemplaren van deze tijdschriften en documenten te kunnen bekijken en zo de literaire of culturele uitwisseling van een of meerdere cultfiguren uit die tijd, te reconstrueren.

 

 

Heb je een favoriet werk uit de collectie van de bibliotheek eventueel gerelateerd aan je onderzoek?

Gerelateerd aan mijn onderzoek, zou ik zeggen dat één van de pagina’s van het ‘open-het-graf’-programmaboekje mijn absolute favoriet is. Op deze pagina wordt als het ware de etymologie van het bekende ‘Gnot-teken’ of ‘het-appeltje-met-de-stip’ uitgetekend. In de zoektocht naar nieuwe, échte beelden die de maatschappij verder moesten brengen, werd dit teken het symbool voor het Magisch Centrum Amsterdam. Het feit dat de betegeling rond het lieverdje aan het Spui vandaag de dag in de vorm van dit teken is gelegd, toont aan dat het ‘Amsterdamse appeltje’ zoals het ook wel wordt genoemd, nogal een impact heeft gehad. Te bedenken dat het gekrabbel op een A4’tje daaraan ten grondslag ligt en dat je dat papiertje nu tot je onderzoeksmateriaal mag rekenen, is toch wel bijzonder te noemen.

Geef een reactie

Ontdek meer van The Art of Information

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder