Kunstenaarshandleidingen uit de 16e, 17e en 18e eeuw

Een overzicht van enkele van de belangrijkste aanwinsten van de afgelopen maanden

Aanwinstenblog 2025/10

door Alex Alsemgeest, conservator bibliotheek collecties

Kunstenaarshandleidingen zijn al jarenlang prominent aanwezig in de aanwinstenblogs en in de collectie van de Rijksmuseum Research Library. De bibliotheek beschikt over een van de meest omvangrijke en beste collecties op dit gebied, maar bijna maandelijks komen er nog bijzondere aanvullingen op de collectie binnen. Soms gebeurt dit welhaast ongemerkt, daarom is het de hoogste tijd voor een omvattend overzicht van enkele bijzondere aanwinsten binnen het genre. In dit eerste deel komen een aantal recent verworven handleidingen uit de zestiende tot en met de achttiende eeuw aan de orde. In een vervolgblog staan we stil bij enkele negentiende-eeuwse kunstenaarshandleidingen.

Secreetboek van Alessio Piemontese (1558 en 1561)

Drie jaar geleden hebben we op deze blog al eens aandacht besteed aan het secreetboek van Alessio Piemontese, één van de absolute bestsellers van vroegmodern Europa. Van deze populaire verzameling van recepturen en huis-tuin-en-keukentips zijn over een periode van tweeënhalve eeuw meer dan honderd edities in een tiental verschillende talen verschenen. Wat je precies mocht verwachten, dat staat op de titelpagina: “seer excellente ende wel gheapprobeerde remedien, teghen veelderhande crancheden, wonden ende andere accidentē. Met die maniere van te distilleren, perfumeren, confituren maken, te verwen, coleuren, ende gieten”.

In de Rijksmuseum Research Library waren van het Secreetboek reeds edities in het Frans, Italiaans en Nederlands uit de late zestiende en vroege zeventiende eeuw aanwezig. Bijzonder is dat we nu ook de eerste uitgave in het Nederlands aan de collectie toe hebben kunnen voegen. Deze verscheen in 1558 onder de titel Die secreten vanden eervveerdighen heere Alexis Piemontois bij Christoffel Plantijn in Antwerpen en is in geen enkele andere publieke collectie in Nederland beschikbaar. De opeenvolging van uitgaves en vertalingen, met alle daarbij horende aanvullingen en interpretaties, geeft goed inzicht in de distributie van kennis over Europa.

Die secreten vanden eervveerdighen heere Alexis Piemontois (1558) Rijksmuseum Research Library 201 B 31

Het is in dat licht het vermelden waard dat we gelijktijdig óók een exemplaar van de uitgave die in 1561 bij Plantijn is verschenen hebben kunnen verwerven. Waar het exemplaar van de eerste editie eigentijds gebonden is in een leren band met een verguld bandstempel van Plantijn, is ons exemplaar van de tweede editie gebonden in fraai gedecoreerd negentiende-eeuws groen marokijn. Het praktische handboek uit de zestiende eeuw was inmiddels een luxe verzamelobject geworden.

Dialogo della pittura intitolato l’Aretino (1557)

Lodovico Dolce’s Dialogo della pittura, intitolato l’Aretino (1557) is al een paar maanden langer in de collectie, sinds eind 2024, maar mag in dit overzicht van recent verworven kunstenaarshandleidingen niet ontbreken. Het is een kunsttheoretisch traktaat in dialoogvorm, waarin Dolce de toen actuele debatten over schilderkunst toegankelijk maakt voor een breed publiek. In de tekst wordt Venetiaans colorito nadrukkelijk verkozen boven het Florentijnse disegno, waarmee Dolce de nadruk legt op de kracht van kleur en schilderachtig effect boven strakke tekening en lijn. Titiaan wordt in de tekst opgevoerd als het voorbeeld van de ideale kunstenaar, die de verfijning van techniek weet te combineren met een ongeëvenaarde gevoeligheid voor harmonie en emotie.

Het traktaat heeft niet alleen kunsthistorische waarde, maar laat ook zien hoe kunstkritiek en theorie in de 16e eeuw deel uitmaakten van een breder cultureel discours. Dolce schreef in dialoogvorm, waarbij de stem van de dichter Pietro Aretino een centrale rol speelt. Daardoor krijgt de tekst een levendig karakter en sluit hij aan bij de humanistische traditie van de dialoogvorm.

Ons exemplaar bevindt zich in één band met La fortvna di Cesare, tratta da gl’avtori latini. Dit traktaat, eveneens van Dolce, werd in 1561 gepubliceerd en kan worden gezien als een soort historiografische en moreel-filosofische pendant bij zijn kunsttheoretische en literaire geschriften. Dolce baseert zich uitvoerig op klassieke auteurs en schetst een levendig portret van Julius Caesar, waarin niet alleen diens militaire successen maar ook zijn karakter en politieke keuzes aan bod komen. De nadruk ligt sterk op de rol van het lot als bepalende kracht in Caesars opkomst en heerschappij. De combinatie van beide teksten in één band illustreert hoe nauw kunst, geschiedenis en morele reflectie in de zestiende eeuw met elkaar verweven waren: de kunstenaar werd niet enkel als vakman gezien, maar als onderdeel van een groter intellectueel en cultureel netwerk.

Peinture à l’encaustique van Caylus (1755)

Een volgende bijzondere aanwinst voor de bibliotheek is de handleiding Memoire sur la peinture a l’encaustique et sur la peinture a la cire van Anne Claude Philippe, Comte de Caylus (1692-1765). Caylus was een Franse oudheidkundige en kunstenaar die met behulp van klassieke bronnen pogingen deed om de encaustische schildertechniek te reconstrueren. Bij deze techniek, die onder meer genoemd wordt in het werk van Plinius de Oudere, werden pigmenten vermengd met bijenwas en hars. De techniek dateert al van ver voor onze jaartelling, maar had langzaam terrein verloren aan tempera en later olieverf.

Caylus claimde in zijn boek samen met de scheikundige Michel Joseph Majault de techniek herontdekt te hebben, wat later onder meer door Diderot werd betwist. Caylus onderscheidde twee vormen van wasschilderen. Bij de eerste, peinture à l’encaustique werden pigmenten vermengd in verhitte was, die met een verwarmd instrument (cauterium) op het oppervlak werd aangebracht. Daartegenover stond peinture à la cire waarbij pigmenten vermengd werden met koude was, en later gefixeerd door verhitting. In het boek gaf hij vier recepten, wat veel respons kreeg in de kunstwereld.

Memoire sur la peinture a l’encaustique et sur la peinture a la cire (1755) Rijksmuseum Research Library 326 H 26

Werkstäte der heutigen Künste (1761-1779)

We sluiten dit overzicht af met Werkstäte der heutigen Künste van Johann Samuel Halle (1727–1810). Dat is niet zo zeer een op zichzelf staande kunstenaarshandleiding, als wel een van de belangrijkste en fraaist geïllustreerde uitgaven over ambachten en technieken in de achttiende eeuw. Halle was gespecialiseerd in techniek en natuurwetenschap, en zijn encyclopedische benadering van ambachten past in de verlichtingsdrang om kennis te bewaren, in te delen en aanschouwelijk te maken. In Frankrijk verscheen nagenoeg gelijktijdig Descriptions des arts et métiers (1761-1781), waarin iets soortgelijks werd beoogd. In Nederland publiceerde Blussé vanaf 1788 Volledige beschrijving van alle konsten, ambachten, handwerken, trafieken, derzelver werkhuizen, gereedschappen enz., dat gebaseerd was op buitenlandse voorbeelden.

Werkstäte der heutigen Künste in zes banden (1761-1779) Rijksmuseum Research Library 205 A 24-29

In het werk van Halle zijn veel verschillende ambachten beschreven, onder meer metaalbewerkers (zilver- en goudsmeden, tinnegieters, smeden, loodgieters, geweermakers), grafische ambachten (kopergraveerders, boekdrukkers, papiermakers), instrumentmakers (uurwerkmakers, orgelbouwers, opticiens), en een grote variëteit aan overige beroepen (bierbrouwers, suikerkokers, hoedenmakers, mandenvlechters, perkamentmakers, leerbewerkers, en apothekers). Door de gedetailleerde verbeelding van werkplaatsen en gereedschappen in 58 tekstvignetten en 57 gegraveerde platen is het een zeer rijke bron voor cultuurhistorisch onderzoek.

Meer kunstenaarshandleidingen

De kunstenaarshandleidingen die we in dit overzicht gepresenteerd hebben zijn in de Rijksmuseum Research Library onderdeel van een collectie van zeker enkele duizenden werken. Met name de zestiende-eeuwse werken zijn logischerwijs relatief zeldzaam, maar ook uit de eeuwen daarna zijn er belangrijke werken die nauwelijks te vinden zijn. Soms heeft dit te maken met het feit dat ze bedoeld waren voor praktisch gebruik in een atelier, wat de kans op overleving niet ten goede komt. Bij de meer theoretische beschouwingen speelt dit uiteraard niet.

In de negentiende eeuw explodeert het aanbod op de boekenmarkt door een combinatie van technische innovaties en sociale ontwikkelingen. Dat zien we ook terug bij de kunstenaarshandleidingen – er verschijnen er heel erg veel. In de volgende aanwinstenblog staan we stil bij een aantal recente verwervingen uit deze tijd.

Genoemde aanwinsten

Alessio Piemontese [=Girolamo Ruscelli], Die secreten vanden eervveerdighen heere Alexis Piemontois vvt den françoyse ouergheset. Tantvverpen : by Christoffel Plantijn, 1558. Rijksmuseum Research Library 201 B 31.

Alessio Piemontese [=Girolamo Ruscelli], Die secreten vanden eervveerdighen heere Alexis Piemontois vvt den françoise ouergheset. THantvverpen : by Christoffel Plantijn, 1561. Rijksmuseum Research Library [In bewerking].

Anne Claude Philippe de Tubières, Comte de Caylus en Michel Joseph Majault, Memoire sur la peinture a l’encaustique et sur la peinture a la cire. A Genève et se vend à Paris : chez Pissot libraire, 1755. Rijksmuseum Research Library 326 H 26.

Lodovico Dolce, Dialogo della pittvra. In Vinegia : appresso Gabriel Giolito de’ Ferrari, 1557. Rijksmuseum Research Library 321 J 39.

Johann Samuel Halle, Werkstäte der heutigen Künste. Brandenburg und Leipzig : bey Johann Wendelin Halle und Johann Samuel Halle, 1761-1779. 6 delen. Rijksmuseum Research Library 205 A 24-29.

3 responses to “Kunstenaarshandleidingen uit de 16e, 17e en 18e eeuw”

  1. Geert-Jan Koot avatar

Laat een reactie achter bij Jaarlijkse aanwinstenpresentatie Research Library op 22 januari 2026 – The Art of InformationReactie annuleren

Ontdek meer van The Art of Information

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder