De mooiste boeken die in 2022 zijn verworven, gepresenteerd in de Cuypersbibliotheek
Aanwinstenblog 2023/01
door Alex Alsemgeest
Conservator bibliotheek collecties
foto’s door Deirdre Kikkert en Karin de Vries
Medewerkers Studie- en Leeszaal
De aanwinstenpresentatie van de Rijksmuseum Research Library is een nog jonge jaarlijkse traditie – de eerste editie vond plaats in 2019 – waar toch al door veel collega’s naar uitgekeken wordt. Het is hét moment waarop de bibliotheek aan alle medewerkers van het Rijksmuseum laat zien welke bijzondere boeken er in het afgelopen jaar verworven zijn. Tegelijk is het een laagdrempelige kennismaking met de afdeling Research Services, waar de klassieke bibliotheek een onderdeel van is, maar wél in samenhang met afdelingen die verantwoordelijk zijn voor de data en het archief. De mooiste en meest bijzondere boeken die in 2022 zijn verworven, werden op maandag 23 januari 2023 gepresenteerd. Maar wat is nu eigenlijk een bijzonder boek, en hoe zorg je ervoor dat alle verschillende thema’s en onderzoeksgebieden, en de waarden waar het Rijksmuseum voor staat, ook in de presentatie te herkennen zijn?

Collectie en Collectievorming
Het bezit van de bibliotheek groeit met ongeveer tienduizend boeken, catalogi en tijdschriften per jaar. Het overgrote deel van de binnengekomen boeken valt in de categorie nieuw verschenen referentieliteratuur. Dat wil zeggen, monografieën over alle denkbare kunsthistorische onderwerpen, handleidingen op het gebied van restauratie en materiaalkennis, bestandscatalogi waarin het bezit van andere musea beschreven staat, oeuvrecatalogi met het werk van individuele kunstenaars, veilingcatalogi op alle kunsthistorische terreinen, en tal van andere zaken die bijdragen aan het wetenschappelijk onderzoek en technische kennis op het gebied van kunst en geschiedenis.
Je kunt er een heel conservatorsleven over discussiëren wat nu eigenlijk bijzondere collecties zijn en wat niet, maar in grote lijnen wordt aan ongeveer vijf à tien procent van alles wat jaarlijks wordt verworven, de status ‘bijzondere collectie’ toegekend. Het gaat dan onder meer om oude drukken, manuscripten, bibliofiele uitgaven, boeken met oorspronkelijke grafiek, fotoboeken en kunstenaarsboeken. Uit deze boeken is een selectie gemaakt van thema’s die om verschillende redenen belangrijk voor het Rijksmuseum zijn. Bij de aanwinstenpresentatie zijn de boeken verdeeld over de zes lange tafels in de Cuypersbibliotheek, waardoor er als vanzelf een aantal lijnen en verhalen in de collectie zichtbaar worden.
De lijst met alle titels van de Aanwinstenpresentatie 2023 die reeds gecatalogiseerd zijn, is via de catalogus van het Rijksmuseum te zien.

Tafel 1: Schilderkunst, Prentkunst en Tekenkunst
Enkele van de oorspronkelijke zwaartepunten van de bibliotheek zijn de geschiedenis van de schilderkunst, prentkunst en tekenkunst van West-Europa van de middeleeuwen tot het begin van de twintigste eeuw. Op deze gebieden streven we al ruim honderd jaar naar een complete collectie, en van alles wat er in de afgelopen eeuw verschenen is, hebben we weinig gemist. Maar juist op het gebied van oude en bijzondere werken zijn er soms nog gaten in de collectie te dichten.
Zo hebben we afgelopen jaar bijvoorbeeld een eerste druk van Philip Gilbert Hamerton’s Etching & Etchers aan de collectie toe kunnen voegen. Hamerton stond aan de basis van de negentiende-eeuwse opleving van het etsen in Groot-Brittannië. In zijn werk heeft hij aandacht voor enkele grootheden uit de geschiedenis van de etskunst. Hij was bijzonder trots op het feit dat hij zijn publiek een ‘originele Rembrandt’ kon tonen, een afdruk van een zeventiende-eeuwse plaat uitgevoerd door de negentiende-eeuwse specialist uit Parijs: Auguste Delâtre.

Op de eerste tafel lagen tevens een aantal geïllustreerde lyrische werken uit de achttiende eeuw: De Rottestroom van Dirk Smits uit 1750 en Abraham de Aartsvader van Arnold Hoogvliet in een editie uit 1780. Wat beide exemplaren bijzonder maakt, is dat de gravures van Jan Punt en de frontispice van Jan Wandelaar zowel in zwart als in rood aanwezig zijn. Het drukken in andere kleuren dan zwart vond al eeuwen plaats, maar er is relatief weinig aandacht geweest voor de praktijk om verschillende kleurenafdrukken in boeken mee te binden. In het Rijksprentenkabinet bevindt zich een album met de illustraties van Punt voor Hoogvliets ‘Abraham de Aartsvader’ uit 1744-1745. Het is een voorbeeld hoe de verschillende collecties van het Rijksmuseum elkaar verder versterken.

Tafel 2: Decoratieve kunst en Kunstenaarshandleidingen
Op de tweede tafel was plaats voor één van de andere historische zwaartepunten in de collectie van de bibliotheek, namelijk decoratieve kunst. De meeste aandacht van het publiek ging uit naar een Duits monsterboek met linten (Borten- und Bändersammlung: Musterkatalog), dat visueel spectaculair is. Het object zou op termijn nog veel interessanter worden als ook duidelijk wordt aan welke firma of fabrikant het monsterboek kan worden toegeschreven, maar daar is meer onderzoek voor nodig. Minstens zo interessant zijn de eerste twee afleveringen van het uiterst zeldzame Italiaanse tijdschrift Magazzino di Mobilia (1796-1797). Feitelijk was het een exclusieve handelscatalogus, met handgekleurde gravures op blauw papier, van stoelen, spiegels, kasten en zelfs een koets. Uiteindelijk zouden er in 1797 en 1798 nóg vijf afleveringen verschijnen en die hebben we nog niet. Zo blijft er altijd iets te wensen over.



Aan de andere kant van de tafel lagen alle recent verworven receptuurboeken en kunstenaarshandleidingen. Sinds de oprichting van het receptuurboekenfonds zo’n vijftien jaar geleden, gelden die als één van de belangrijkste collecties van de Rijksmuseum Research Library. Verschillende negentiende-eeuwse gidsjes met titels als Photo-lithography, Werner’s nomenclature of colours, en The dyer’s guide : being an introduction to the art of dying linen, cotton, silk, wool. Daarnaast een aantal vroege secreetboeken waar we eerder over hebben bericht, en een exemplaar van de Wegwyzer voor goud- en zilversmeden met enkele manuscript annotaties in de marge.
De meest opmerkelijke aanwinst in deze sectie van de presentatie is een zeventiende-eeuws Nederlands manuscript met verfrecepten. In de afgelopen jaren hebben we verschillende manuscripten verworven, maar toch vooral uit de achttiende eeuw. Het zijn receptuurboekjes waarvan je kunt vermoeden dat ze in een atelier zijn gebruikt. Wat er precies in staat, zal nader onderzocht moeten worden. Vaak zijn het recepten die uit gedrukte werken zijn overgeschreven, maar soms wel aangepast aan de praktijk. Een handgeschreven opmerking ‘dit werkt niet’ geeft ons meer inzicht in de praktijk, dan een gedrukte verhandeling over het mengen van verf waarvan we niet weten of één schilder hem ooit heeft toegepast.

Tafel 3: Wetenschapsgeschiedenis en Visuele wetenschapscommunicatie
Wetenschapsgeschiedenis is een relatief nieuw onderwerp binnen het Rijksmuseum. Niet voor niets werd bij de bouw van het museum in de negentiende eeuw nog op de muur van de bibliotheek geschreven: ‘Zijn wetenschap en kunst vaak met elkaar in strijd, hier is de wetenschap der kunst een zaal gewijd’. Met de tentoonstelling Onderkruipsels nog vers in ons geheugen, konden we flink uitpakken met de mooiste werken over microscopen, insecten en de natuur op papier. We werden daarbij geholpen door de recente schenking van een collectie van achtentwintig fabuleuze boeken op dit gebied.




Hoogtepunten uit deze schenking zijn belangrijke edities van de werken van Christiaan Huygens, Isaac Newton en Benjamin Franklin. Natuurlijk zijn deze wetenschapshistorisch van grote waarde, maar wie een Rijksmuseumbril op z’n neus zet, herkent ook de artistieke waarde van deze werken. Om een wetenschappelijke waarneming succesvol aan het publiek te kunnen presenteren, met alles wat door microscopen en telescopen werd gezien, heb je een verdraaid goede tekenaar en graveur nodig. De werken die dat het beste illustreren, lagen nog niet op tafel, maar zullen in de loop van 2023 vast nog aandacht krijgen.
Enigszins verscholen op tafel nummer drie stonden de entomologische werken van Rösel van Rosenhoff en Olivier, in respectievelijk acht en zes banden. Vanwege de beperkte ruimte lagen er slechts een tweetal boeken opengeslagen. De contemporain gekleurde insecten lachten ons toe vanaf het papier, maar om echt te zien hoe fraai deze werken zijn, moet je er wat uitgebreider de tijd voor nemen in de leeszaal en ze eens rustig doorbladeren.

Tafel 4: Geschiedenis, Reisverhalen, Almanakken
Op de volgende tafel werd een aantal reisverslagen getoond, onder meer uit de Collectie Niemeijer. Deze collectie van honderden reisverslagen van buitenlanders die in de achttiende en negentiende eeuw Nederland bezochten, is nagelaten door oud-directeur van het Rijksprentenkabinet J.W. Niemeijer en afgelopen jaar volledig ontsloten. Niet uit deze collectie, maar óók op tafel: het dagverhaal van Albrecht Dürer’s reis naar de Nederlanden, zowel in de eerste Nederlandse vertaling uit 1780 als in een moderne private press uitgave.

Aan de andere kant van de tafel lagen een aantal bijzondere volksboekjes en almanakken. Almanakken zijn jaarlijks verschijnende boekjes die sinds de zestiende eeuw enorm populair waren bij veel verschillende groepen in de samenleving. Ze bevatten informatie over bijvoorbeeld jaarmarkten, feestdagen en posttarieven, maar ook astrologische beschouwingen en weersvoorspellingen, soms aangevuld met poëzie, liedjes, overdenkingen, voorspellingen en aforismen. Begin vorig jaar noemden we al een bijzonder exemplaar dat we hadden verworven, maar later in 2022 kwam daar een grote verzameling bij. Hierbij almanakken voor vrouwen en kinderen, voor makelaars en vuilnismannen, met bijzondere bandjes, ingeplakte plaatjes en handgeschreven annotaties. Het is een bijzonder genre waarmee het mogelijk is om perspectieven te presenteren die vaak ontbreken in andere boeken uit de vroegmoderne tijd. Favoriet van het publiek was een almanak voor vrouwen door vrouwen uit 1800.

Bij de volksboekjes vinden we onder meer een aantal prijsbandjes, uitgereikt aan de beste kinderen van de klas. Zoals een “derde ereprijs” van de Leer- en Kweekschool voor Jonge Dochteren voor “C. Dijkman op de 14de Julij, 1803”. Verder onder meer een uitgave van de Nieuwe Spiegel der Jeugd, of Franse Tirannie, een bijzonder populair schoolboek over de gruweldaden van het Franse leger in Zwammerdam en Bodegraven in 1674.

Tafel 5: Fotografie
In de aanwinstenpresentatie werden twee absolute topstukken uit de collectie fotoboeken getoond. Allereerst de eerste Amerikaanse druk van The Americans van Robert Frank. Het boek vormt een iconisch fotoverslag van een roadtrip dwars door het land in het midden van de jaren vijftig. Het werd oorspronkelijk in 1958 in Parijs uitgegeven, maar verkreeg pas echt iconische status in de Amerikaanse editie van een jaar later die werd ingeleid door Jack Kerouac. Over het tweede topstuk op tafel, Ballet van Alexey Brodovitch, schreef collega Mattie Boom vorig jaar al een mooie blogpost.

Op tafel lag verder een selectie uit de tientallen bedrijfsfotoboeken die het afgelopen jaar verworven zijn. Rond het midden van de twintigste eeuw verschenen er honderden van dergelijke fotoboeken. Verschillende fotografen konden ‘overleven’ dankzij de opdrachten uit het bedrijfsleven en op die manier een genre opbouwen. Enkele van deze bedrijfsfotoboeken hebben een welhaast legendarische status gekregen, maar van veel uitgaven is alleen nog met moeite een exemplaar te vinden. Het Rijksmuseum heeft inmiddels een aanzienlijke collectie op dit gebied opgebouwd.

Tafel 6: Kunstenaarsboeken
Achterin de Cuypersbibliotheek was een tafel gereserveerd voor kunstenaarsboeken. Het is een genre waarvan in het verleden soms gedacht is dat het Rijksmuseum het niet verzamelde, maar een belangrijker reden is dat het niet altijd als zodanig is herkend. Omdat er in Nederland verschillende andere plaatsen zijn waar het kunstenaarsboek systematisch wordt verzameld op geografische gronden, verzamelen wij zowel nationaal als internationaal langs enkele inhoudelijke lijnen. Zo nemen we in bescheiden mate kunstenaarsboeken op die een aanvulling zijn op onze collectie ornamentboeken en stalenboeken. Simpel gezegd, boeken die passen in de dialoog over kleur, vorm en materialiteit zoals die momenteel op zaal te zien is in de tentoonstelling Irma Boom: Kunst + Boeken.
De boeken die Irma Boom het afgelopen jaar geschonken heeft, maakten vanzelfsprekend geen deel uit van de aanwinstenpresentatie, die liggen immers tot begin mei op de tentoonstelling. Wat er wel te zien was: enkele werken van de Amerikaanse boekkunstenaar Russell Maret. Zijn Ornamental digressions: a showing of pinwheel ornaments is een ornamentboek met een duidelijke echo van de vroegmoderne voorlopers in dit genre. Het werk Æthelwold etc : twenty-six letters inspired by other letters and non-letters and little bits of poetry lag uitnodigend naast het eveneens vorig jaar verworven meesterwerk van de ritmische typografie Bezette stad van Paul van Ostaijen uit 1921.
Het werk van Maret wordt overigens steeds politieker, naar eigen zeggen omdat hij het zich in verband met alle ontwikkelingen in de wereld niet kan veroorloven om niets te zeggen. In die categorie presenteerden we ook een drietal werken van Tia Blassingame. Van haar waren onder meer de boeken Black: A handbook en Colored: A handbook te zien. Blassingame werkt op het snijvlak van boekkunst, materialiteit en Afro-Amerikaanse geschiedenis. In haar ontwerpen laat ze bijvoorbeeld de geschiedenis van de plantages doorwerken door de bladeren dertig dagen lang te bewerken met sap van de kakiplant.

In You are gebruikt Blassingame de terminologie en de iconografie die past bij Hallmark-kaarten. Ze laat zien hoe deze werd gebruikt voor het portretteren van witte vrouwen uit het tijdperk van de romantische film, en slechts hoogst zelden voor zwarte meisjes en vrouwen.
Aanwinstenpresentatie 2024
Een deel van de hier beschreven werken heeft het afgelopen jaar reeds aandacht gehad op deze blog, een aantal van de recent verworven werken zal in de komende maanden in een verhaal voorbij komen. De aanwinstenpresentatie is een jaarlijks evenement, maar de collectie groeit iedere dag. De eerste werken die volgend jaar op tafel zullen komen, zijn nu al bij de bibliotheekadministratie binnengekomen. Houd daarom met enige regelmaat deze blog in de gaten (subscribe!) om te zien wat voor prachtwerken er allemaal binnen komen. Dan zien we jullie volgend jaar weer terug voor een nieuwe presentatie in de bibliotheek, waarbij we de mogelijkheid onderzoeken om dit niet alleen voor eigen personeel te doen, maar mogelijk ook voor andere geïnteresseerden. En bedenk daarbij dat het beeld van de eenzame conservator die in een lege Cuypersbibliotheek de werken klaarlegt bedrieglijk is. Niet alleen moet er iemand zijn die de foto maakt, er zit ook een hele afdeling van Research Services achter die het mogelijk maakt om deze werken aan te kopen, ze te beschrijven en op alle mogelijke manieren – fysiek, digitaal, in beeld en in data – bij ons publiek te krijgen.

Geef een reactie